Categorie archief: Zwarte den

DE ZWARTE DEN Mythologie

FB_IMG_1433320885819Het verhaal gaat dat als je de zaden van dennenappels die nog open staan, ’s morgens vroeg voor zonsopgang op een nuchtere maag nuttigt, je dan de hele dag onkwetsbaar bent. We zoeken wat van die zaadjes op tussen de dennennaalden op de bosbodem en stoppen er wat van in onze minden. Ze smaken heerlijk, als pijnboompitten maar dan in het mini.

De pijnboompitten die wij in de winkel kopen zijn afkomstig van de parasolden die groeit rond de Middellandse zee. In het oude Griekenland waren de pijnboompitten verbonden aan het ritueel van Thesmophoria, een feest dat ieder jaar ter ere van Demeter en haar dochter Persephone werd gevierd. De vruchtbaarheidsgodin Demeter was ontroostbaar toen haar dochter Persephone naar de onderwereld was ontvoerd en door Hades tot vrouw was verkozen. Niets op aarde wilde meer bloeien en er was een eeuwige winter. Toen zwichtte Hades en er werd overeengekomen dat Persephone voor de helft van het jaar in de bovenwereld mocht verblijven bij haar moeder. Demeter liet alles weer groeien en bloeien om in de winter weer alles te laten sterven.

Aan het ritueel mochten alleen gehuwde vrouwen meedoen om hun baarmoeders en het land vruchtbaarder te maken. Het feest duurde vijf dagen eind oktober/begin november, de vrouwen namen een bad in zeer te reiniging, trokken zich terug in loofhutten waar ze op een bed van planten zaten, dan haalden de vrouwen uit onderaardse keldertjes de half vergane resten van de biggetjes, granen en pijnboompitten die bij het oogstfeest in juli begraven waren tevoorschijn, dan trok men naar de stad en bij de tempel van de godin demeter werden alles dan plechtig geofferd (+ het thesmophorion).
Ook bij de Germanen werden  spar en den als cultusbomen gezien. Tanfana (tan is den, fana tempel) is het germaanse dennenfeest, maar er is weinig over bekend. In Oldenzaal is er nog de tankenberg waar vermoedelijk dat soort feesten hebben plaatsgevonden. De dennen en sparren zijn allen gekoppeld aan de germaanse joelperiode, wat bij ons de kersttijd is, de dertien dagen na 21 december tot aan driekoningen. Bij de Germanen was het gebruikelijk om groene twijgen in huis te hangen en lichten te branden als afweermiddel tegen boze geesten. Wel werd vroeger in de kersttijd een joelblok uit het bos gehaald (vaak dennen of sparrentakken van een halve meter lang), alle lichten werden gedoofd en bij het licht van het joelblok vertelde men elkaar verhalen. Om middernacht werd het kerstblok dan gedoofd.
De kerstboom, die eigenlijk een spar is en geen denneboom, is pas veel later in onze geschiedenis gekomen.Het gebruik van versierde en verlichte kerstbomen ontstond in het westen van Duitsland in de Elzas. Men behing de kerstboom met appels, rozen van papier en suikerwerk. Vooral bij welgestelde lieden thuis, de arme kinderen uit de buurt mochten er dan aan komen schudden. De traditie verspreidde zich pas in de negentiende eeuw over heel het land. De Engelse koningin Victoria, die gehuwd was met de Duitse prins Albert introduceerde het gebruik van de kerstboom in Engeland. In Nederland waren het sinterklaasfeest en driekoningen lang de belangrijkste feesten uit de joeltijd, en pas halverwege de jaren veertig raakte de kerstboom en het kerstfeest meer ingeburgerd in Nederland.

Advertenties

Zwarte Den Biologie

FB_IMG_1433320905424

Waar ik woon, in Haarlem, bij de Kennemerduinen  staan alleen zwarte dennen, en die zijn ooit aangeplant door Jacques P Thijsse in de jaren dertig. Ze zijn vooral op de kammen van de duinen aangeplant om het stuiven tegen te gaan. Maar de den is niet de natuurlijke begroeiing in dit gebied. De eiken en meidoorns doe dat wel zijn zie je daarom tussen de dennen al opschieten.
Pollenonderzoek heeft uitgewezen dat de den is in Nederland waarschijnlijk helemaal geen inheemse boom is, na de laatste ijstijd toen het ijs zich terugtrok was het een van de pioniers, want hij houdt van droogte en koude, maar later toen het warmer werd, werd het hier verdreven door loofbomen als eiken, beuken en berken. Misschien alleen op zeer arme gronden als zandverstuivingen stonden nog dennen, maar al rond het begin van onze jaartelling was het geen algemene boom meer hier. .

De dennenbomen die in Nederland staan zijn allen import uit midden-Europa, Dennen zijn een zeer nuttig bosbouwgewas. Ze verlangen geen rijke bodem, maar schrale terreinen en groeien heel snel. Het vurenhout is van sparren afkomstig en het grenen van dennen werd oa gebruikt voor de mijnbouw, de scheepsbouw (de lange masten), houtskool en er kon ook teer, terpentijn en hars uit gewonnen worden.
De oudste boom ter wereld is ook een naaldboom en wel een spar van 9550 jaar. Hij staat in centraal Zweden, in de provincie Dalarna. Hij groeit in een gebied met andere sparren van 8000 jaar oud en onder de grond vlakbij zijn resten van andere sparren gevonden die in dezelfde tijd geleefd hebben. Net na de ijstijd moet hij daar zijn opgekomen, waarschijnlijk als zaag meegenomen door mensen. Hij heeft zolang overleefd omdat er weinig bosbranden zijn, weinig mensen en het relatief koud en droog is. (c-14 methode, universiteit van UMEA) De daarna oudste bomen in de wereld zijn 5000 jarige dennen in Canada.

De Oostenrijkse zwarte den groeit recht omhoog, soms zie je ook Corsicaanse zwarte dennen, die draaien zo mooi om hun as en maken de kroon heel breed. Ik heb we weleens zo’n dode getordeerde den op zijn kop zien staan bij Duin- en Kruidberg, dat leek net een briesende vuurdraak.